Toen Gerrit van Wylick in 1984 voor een carrièreswitch kwam te staan, koos hij voor een sprong in het diepe. “Het moet lukken,” zei hij, en hij begon voor zichzelf. Zonder zekerheid, maar met vertrouwen en toevallige ontmoetingen die bepalend bleken. Samenwerkingen met Belgische vaklui, de eerste mastiekdaken en de ontmoeting met Chris vormden het fundament. Pionieren betekende fouten maken en leren, maar altijd met eerlijkheid, vakmanschap en binding als uitgangspunt.